>>

Onderzoeksprogramma VU CLG



Publieke en private belangen kunnen zowel op gespannen voet met elkaar staan, als elkaar versterken. Van spanning zal bijvoorbeeld sprake zijn wanneer de overheid zich achter de rug van ouders om gaat bemoeien met de opvoeding van kinderen, met het oog op het voorkomen en beheersen van sociaal onwenselijk gedrag. Dat zal ook het geval zijn wanneer eigendomsrechten van individuele burgers moeten wijken voor de aanleg van in het algemeen belang noodzakelijk geachte bouwprojecten. Voorbeelden van situaties waarin publieke en private belangen elkaar juist versterken, vinden we in de sfeer van bescherming van minderjarigen, consumenten, werknemers, aandeelhouders en letselschadeslachtoffers.

Het onderzoeksprogramma van het VU University Centre for Law and Governance, dat Publieke en private belangen in balans

1. Balans via regulering van de privésfeer;
2. Balans via regulering en organisatie van de semi-publieke sfeer;
3. Balans via regulering van private markten;
4. Balans via regulering van verhoudingen met de overheid.

Aan het onderzoeksprogramma nemen circa 100 onderzoekers deel (25 onderzoeksfte’s). Deze onderzoekers hebben ófwel een publiekrechtelijke ófwel een privaatrechtelijke achtergrond en zijn werkzaam bij de Afdelingen Privaatrecht, Staats- en bestuursrecht, Notarieel en fiscaal recht en Rechtstheorie en rechtsgeschiedenis (sectie rechtsgeschiedenis).

Het onderzoeksprogramma Publieke en private belangen in balans ging van start op 1 januari 2008. heet, heeft als uitgangspunt dat het de functie van het recht is om activiteiten in de samenleving te reguleren. Dat kan door een goede balans te vinden tussen publieke en private belangen die in het ene geval tegengesteld aan elkaar zijn en die elkaar in het andere geval juist versterken. Het onderzoek naar die balans vindt primair plaats vanuit een juridisch perspectief. Centraal staan de vragen: “Hoe zou het recht met het oog op het evenwichtig borgen van publieke en private belangen in elkaar moeten zitten? Beantwoordt het recht aan de daaraan te stellen maatstaven?” Het onderzoek richt zich bij de beantwoording van deze vragen op diverse maatschappelijke deelterreinen waarbij de overheid al dan niet rechtstreeks als actor is betrokken. Daartoe is het onderzoeksprogramma in een viertal deelprogramma’s onderverdeeld: